De gammafunctie

Vergelijking
  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie

Definitie van de gammafunctie


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
Om te beginnen gooi ik de volgende integraal erin:
Vergelijking
Ik ga deze integraal eens uitrekenen voor verschillende waarden van x, ik begin met x = 0:
Vergelijking
Nu ga ik de integraal uitrekenen voor x = 1, x = 2, x = 3 en x = 4 waarbij ik gebruik maak van partieel integreren:
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
De regelmaat moge duidelijk zijn:
Vergelijking
Hierin is x! de faculteitsfunctie:
Vergelijking
Ik stel:
Vergelijking
Hiermee wordt vergelijking (1):
Vergelijking
Om allerlei goede en slechte redenen heeft vergelijking (6) tot de definitie van de gammafunctie geleid (en niet vergelijking (3)):
Vergelijking
Je zult dus altijd even moeten nadenken in verband met dat eentje, want voor de functie G (x) geldt:
Vergelijking
Terwijl voor de gammafunctie geldt:
Vergelijking

De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
Uit de definitie van de gammafunctie volgt direct:
Vergelijking
Oftewel:
Vergelijking
De gammafunctie is dus een mooie vervanger voor de faculteitsfunctie:
Vergelijking
Ik zet er de faculteitsfunctie even onder:
Vergelijking
De faculteitsfunctie volgens vergelijking (11) is lastig, het is een buitenbeentje, omdat die zich niet zomaar laat differentiëren of integreren zoals bijvoorbeeld een sinus of een logaritme. De faculteitsfunctie bestaat alleen voor positieve gehele getallen terwijl de gammafunctie ook alle tussenliggende gaten opvult (voor alle argumenten die geen geheel positief getal zijn). Dat gezegd hebbende wil ik direct opmerken dat we voor het uitrekenen van de gammafunctie, voor een argument dat geen positief geheel getal is, terug moeten vallen op numerieke methoden (bijvoorbeeld de trapeziummethode). Dus, stel dat ik de gammafunctie wil uitrekenen voor z = 6.378 (ik noem maar wat), dan geldt (zie vergelijking (8)):
Vergelijking
Ik kan dus altijd op een simpele manier het probleem reduceren tot de berekening van de gammafunctie met een argument in het interval [1, 2]. Wanneer ik een tabel aanleg met ‘alle’ getallen van één tot en met twee (met een gewenste nauwkeurigheid) en de bijbehorende waarden van de gammafunctie (met een gewenste nauwkeurigheid) dan kan ik met behulp van die tabel (zie deze pagina) in een handomdraai de gammafunctie uitrekenen voor andere argumenten (waarbij het niet letterlijk altijd in een handomdraai gaat, want indien z = 1000000000.378 (dus heel groot) dan heeft ook een computer wel even tijd nodig). Laat ik eens een grafiek maken van de gammafunctie voor dit belangrijke interval [1, 2].
Grafiek
De grafiek van Γ (z)
De waarde van Γ (1.378) = 0.88868490439649763942, dus Γ (6.378) = 260.625717668398368 × 0.88868490439649763942 = 231.61414098940918932750. En dit ligt ergens tussen 5! (= 120) en 6! (= 720) in zoals het zou moeten. Volgens de methode van vergelijking (12) kan ik bovenstaande grafiek heel eenvoudig naar rechts uitbreiden.
Grafiek
De grafiek van Γ (z)

Het bijzondere geval z = 1.5


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
Een bijzonder geval is Γ (1.5):
Vergelijking
Ik stel:
Vergelijking
Hiermee wordt vergelijking (13):
Vergelijking
Deze integraal is bekend, die zoek ik op in de tabel met integralen:
Vergelijking

Numerieke bepaling van de gammafunctie


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
Taylor
Taylor

z = 1.5 is de enige waarde tussen z = 1 en z = 2 waarvoor de gammafunctie exact te bepalen is, voor alle andere waarden van z moet ik toch echt terugvallen op numerieke methoden. Ik noemde al de trapeziummethode, maar beter is het om de integraal van de gammafunctie aan te pakken door de e-macht om te zetten in een Taylor-reeks. In de tabel met Taylor-reeksen vinden we:

Vergelijking

Hiermee wordt de gammafunctie:
Vergelijking
In eerste instantie lijkt dit wellicht een hopeloze zaak, want ik heb oneindig veel termen waarin ik tot overmaat van ramp ook nog voor t oneindig in moet vullen. Echter, zo hopeloos is de situatie niet want de reeks convergeert en het aantal termen die ik mee moet nemen is afhankelijk van de nauwkeurigheid die ik wens. Het convergeren van de reeks begint wanneer de termen uitdoven als het ware, dus als een term voor grote waarden van n kleiner is dan de voorgaande term (in absolute waarden gesproken uiteraard):
Vergelijking
Dit moet kleiner dan één zijn, dus het aantal termen (= n) moet de waarde van t zeker overstijgen. Verder weet ik dat z maximaal gelijk aan twee is (voor alle hogere waarden van z kan ik de gammafunctie immers uitrekenen volgens vergelijking (12)):
Vergelijking

Minima en maxima


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
De integrand van de gammafunctie is:
Vergelijking
Grafiek
De grafiek van f (t) = tz − 1 e−t voor z = 1.0 (de rode lijn),
z = 1.1 (de lichtgroene lijn), z = 1.2 (de oranje lijn),
z = 1.3 (de paarse lijn), z = 1.4 (de blauwe lijn),
z = 1.5 (de grijze lijn), z = 1.6 (de bruine lijn),
z = 1.7 (de lichtbruine lijn), z = 1.8 (de donkergroene lijn),
z = 1.9 (de gele lijn) en z = 2.0 (de lichtblauwe lijn)
De afgeleide hiervan is:
Vergelijking
Deze afgeleide stel ik gelijk aan nul om het maximum te bepalen:
Vergelijking
De tweede en de derde oplossing zijn minima, maar de eerste oplossing is die waar ik naar op zoek ben. De functiewaarde van de integrand ter plaatse van het maximum is:
Vergelijking
Dus de integrand voor z = 2 is maximaal e−1 = 1/e = 0.367879. Wanneer ik t dan laat lopen van nul tot 250 (e−230 ≈ 10−100, dus met t = 250 zit ik ruimschoots onder de 10−100) en ik ga vervolgens met n daar ruim boven zitten (bijvoorbeeld n = 1000) dan zit ik gebeiteld.

Met het resultaat van vergelijking (18) kan ik nog meer zinvolle dingen doen, ik kan bijvoorbeeld de afgeleide bepalen:
Vergelijking
Want zoals onderstaande grafiek aangeeft heeft de gammafunctie een (lokaal) minimum in de buurt van z = 1.46.
Grafiek
De grafiek van Γ (z)
Door mijn computer weer aan het werk te zetten vind ik dat het minimum ligt bij z = 1.46163214496836234126265954232572132846819620400645 en de functiewaarde daar is 0.8856031944108887002788159005825887332079515336699034488712001658751362274173963466647982802142035948.

Negatieve argumenten


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
Een logische vraag is waarom we de gammafunctie doorgaans aangeven met een z als argument en niet met een x. Dat komt omdat, in tegenstelling tot de officiële faculteitsfunctie, het argument niet beperkt is tot de positieve gehele getallen. Ieder positief reëel getal kan als argument dienen, maar ook ieder negatief getal. Dus, stel dat ik de gammafunctie wil uitrekenen voor z = −6.378 (ik noem maar wat), dan geldt (zie vergelijking (8)):
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Vergelijking
Dit alles samengevoegd geeft:
Vergelijking
De waarde van Γ (1.622) = 0.89618159003596643527, dus Γ (−6.378) = 0.89618159003596643527 / (−390.826467828891055105208064) = −0.0022930422164456028334. Op deze manier kan ik de grafiek van de gammafunctie ook heel eenvoudig naar links uitbreiden.
Grafiek
De grafiek van Γ (z)
Of met een wat andere verticale schaalverdeling.
Grafiek
De grafiek van Γ (z)
Zoals bovenstaande grafiek laat zien is voor gehele negatieve getallen de uitkomst altijd oneindig:
Vergelijking
Hoe je het ook wendt of keert, voor ieder geheel negatief getal krijg je gedeeld door nul en dat levert oneindig op.

Complexe argumenten


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
De gammafunctie kan niet alleen met negatieve argumenten overweg, maar het argument mag ook een complex getal zijn:
Vergelijking
Dan is het vervolgens weer een kwestie van de computer aan het werk zetten om de goede uitkomsten te vinden.

Vergelijking met de formule van Stirling


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
Ik noemde al dat de gammafunctie een mooie vervanger is voor de faculteitsfunctie:
Vergelijking
Vergelijking
Dat is op zich waar, want de faculteitsfunctie volgens vergelijking (11) laat zich niet zomaar differentiëren of integreren en bovendien is de faculteitsfunctie niet continu (hij bestaat alleen voor positieve gehele getallen).
Stirling
Stirling

De andere kant van het verhaal is dat ook de gammafunctie voor grote getallen een heleboel rekenwerk met zich meebrengt, terwijl de formule van Stirling altijd snel tot een antwoord leidt:

Vergelijking

De formule van Stirling is probleemloos te differentiëren en het aantal juiste decimalen is 17 log x (indien je alle bovenstaande termen meeneemt, dus voor x = 1000 heb je al een nauwkeurigheid van 17 log 1000 = 17 ∙ 3 = meer dan vijftig cijfers goed!).

Eigenschappen van de gammafunctie


  1. Definitie van de gammafunctie
  2. De gammafunctie als vervanger voor de faculteitsfunctie
  3. Het bijzondere geval z = 1.5
  4. Numerieke bepaling van de gammafunctie
  5. Minima en maxima
  6. Negatieve argumenten
  7. Complexe argumenten
  8. Vergelijking met de formule van Stirling
  9. Eigenschappen van de gammafunctie
We vonden al deze essentiële eigenschap van de gammafunctie:
Vergelijking
Maar de gammafunctie kent meer eigenschappen en de volgende is een hele belangrijke. Dit is de definitie van de gammafunctie:
Vergelijking
Dan geldt uiteraard:
Vergelijking
De variabele t is een dummy variabele, ik mag daarvoor ook iedere andere naam gebruiken, bijvoorbeeld ut:
Vergelijking
En ik mag probleemloos doen alsof t een of andere constante is en u de integratievariabele:
Vergelijking
Vervolgens ga ik de vergelijkingen (31) en (34) met elkaar vermenigvuldigen:
Vergelijking
Integreren naar t is nu simpel dus dat ga ik doen:
Vergelijking
De oplossing van deze integraal zoek ik op in de tabel met integralen. Dat brengt ons bij dit resultaat:
Vergelijking
Wanneer ik vervolgens nog bedenk dat (voortbordurend op vergelijking (9)):
Vergelijking
Euler
Euler

Hiermee kan ik vergelijking (37) anders opschrijven en kom ik tot de reflectieformule van Euler:

Vergelijking

Dit heet een reflectieformule, omdat het een relatie geeft tussen twee functiewaarden (van dezelfde functie) indien het argument van teken wisselt.

Indien z een complex getal is dan wordt de gammafunctie:
Vergelijking
Voor de complex geconjugeerde van z wordt de gammafunctie:
Vergelijking
Ik vergelijk de bovenstaande twee vergelijkingen:
Vergelijking
Vergelijking
Hieruit blijkt dat de gammafunctie van het complex geconjugeerde argument gelijk is aan de complex geconjugeerde gammafunctie van het niet-complex geconjugeerde argument. Of anders gezegd: wanneer het argument complex conjugeert dan doet de functiewaarde dat ook:
Vergelijking
Dit leidt ons naar de volgende eigenschap indien z zuiver imaginair is (het reële deel van z is dan nul):
Vergelijking
In dat geval wordt de reflectieformule van Euler:
Vergelijking
En wanneer ik daar de absolute waarde van neem krijg ik:
Vergelijking
Samengevat, dit is de essentiële eigenschap van de gammafunctie:
Vergelijking
De reflectieformule van Euler:
Vergelijking
Die zie je vaak in deze vorm, maar dan is het strikt genomen geen reflectieformule meer:
Vergelijking
De gammafunctie van het complex geconjugeerde argument is gelijk aan de complex geconjugeerde gammafunctie van het niet-complex geconjugeerde argument:
Vergelijking
Indien z zuiver imaginair is geldt:
Vergelijking